De strijd tegen online seksueel misbruik

Voor Reporter Radio onderzocht ik de mogelijkheden in de strijd tegen online seksueel misbruik. Naast de uitzending van Reporter Radio op zondag 27 mei 2018, is dit artikel het resultaat van dat onderzoek.

Het aantal gevallen van online seksueel misbruik stijgt en daders zijn moeilijk op te sporen. In het eerste kwartaal van 2018 zijn al 477 meldingen gedaan van misbruik via internet, zo blijkt uit onderzoek van Reporter Radio. Er komen nieuwe wetten aan op wraakporno, maar gaat ook de pakkans van daders omhoog?

Sexting
Met een populair woord heet het versturen van naaktfoto’s en -video’s sexting. Uit onderzoek van Rutgers blijkt dat één op de acht jongeren onder de 25 jaar dat weleens heeft gedaan. Ondertussen ziet hulporganisatie Helpwanted dat het aantal gevallen van online seksueel misbruik al jaren stijgt. In 2010 werden er 327 meldingen gedaan, de cijfers uit het eerste kwartaal van 2018 beloven een totaalaantal van maar liefst 1.900 meldingen.

Online seksueel misbruik kent verschillende vormen. De meest bekende vorm is het verspreiden van naaktbeelden zonder toestemming (ook wel wraakporno). Dat overkwam ook Chantal uit Werkendam. Een video van haar kwam via een nepaccount op Facebook terecht, waarna het massaal werd gedeeld.

Daders ongrijpbaar
De zaak van Chantal (2015) laat zien hoe moeilijk het is om daders van online seksueel misbruik op te sporen. Om erachter te komen wie de plaatser van haar filmpje was, vroeg Chantal aan Facebook informatie. Die gegevens wilde Facebook niet geven. Chantal spande een zaak aan tegen Facebook, en won. Maar een dader vond ze nooit.

Via nepaccounts op sociale media is het vrij gemakkelijk om zonder sporen achter te laten ongewenst naaktmateriaal te plaatsen. Als er al een dader wordt gepakt in dat soort zaken, is de veroordeling mild. Daders van wraakporno worden, mits het slachtoffer volwassen is, berecht op smaad en laster. “Die wetten komen uit de prehistorie”, kaart gespecialiseerd advocaat Thomas van Vugt aan. Van Vugt stond Chantal bij in haar zaak tegen Facebook.

Nieuwe wetten
Naar aanleiding van Chantals’ en soortgelijke zaken werden strengere wetten aangekondigd tegen wraakporno. De strafbaarstelling van wraakporno werd zelfs opgenomen in het jongste regeerakkoord en op 16 mei kondigde minister Ferd Grapperhaus van Justitie en Veiligheid aan dat er zwaardere straffen mogelijk worden – tot twee jaar celstraf. Daarmee wordt wraakporno expliciet strafbaar. Het plan van Grapperhaus sluit aan op de wet computercriminaliteit III, waarin vast wordt gelegd dat de politie meer middelen krijgt om daders op te sporen. Die wet ligt op dit moment in de Eerste Kamer.

De nieuwe wetten passen bij de groeiende (politieke) aandacht voor online seksueel misbruik. Zestien jaar na de eerste zaak van wraakporno in Nederland, die van Francien Regelink, lijkt er verandering te komen in de opsporing en berechting van daders. Advocaat Van Vugt vindt een hogere strafmaat een begin, maar alsnog te laag. Hij wijst naar landen als Japan en Israël waar de strafmaat op drie en vijf jaar staat. Daarnaast is Van Vugt van mening dat hogere straffen geen zin hebben als de pakkans ‘zo laag blijft als ‘ie nu is’.

Facebook verzamelt naakt
Naast het opsporen en berechten van daders, is er nog een manier om online misbruik te bestrijden: voorkomen. Nota bene Facebook heeft plannen om wraakporno op die manier aan te pakken. Het sociale medium gaat mensen vragen hun naaktmateriaal in een beveiligde omgeving op te sturen. Facebook verzamelt de beelden in een database en zorgt er daarna voor dat het niet meer online verschijnt. “Dat zou een oplossing kunnen zijn, maar je kunt je afvragen of je dat in handen wil leggen van een partij als Facebook. Met een onafhankelijk partij zou dit best een goed idee kunnen zijn”, reageert Arda Gerkens van Helpwanted.

Dit artikel is gepubliceert op de website van NPO Radio 1. De uitzending van Reporter Radio op NPO Radio 1 over online seksueel misbruik is hier terug te luisteren.

Geschreven door: